Elke grootheid haar eigen blad
Een gewone omrekener beantwoordt de vraag «hoeveel» en houdt daarmee op. Maar wie een eenheid opzoekt, wil bijna nooit alleen de factor: hij moet zien waar het getal vandaan komt, waarmee men het meet, hoe men het foutloos op een tekening schrijft en waarom het buurvak hetzelfde anders schrijft. Daarom heeft hier elke eenheid een blad en geen regel in een tabel.
De bladen delen één geraamte — van de plaat met het internationale teken tot de historische afdeling — en verschillen in hun proefopstellingen: de watt heeft zijn schema, de okta een ander, de keelhoogte van de las een derde. Het geraamte scheelt tweemaal naar hetzelfde veld zoeken; de opstelling behoedt het werk ervoor een kerkhof van tabellen te worden.
Vier regels waarnaar een blad wordt geschreven
De definities van de SI-eenheden en de nauwkeurige waarden van de constanten volgen de SI-brochure van het Internationaal Bureau voor Maten en Gewichten. De omrekeningsfactoren van eenheden buiten het SI volgen NIST SP 811. Schrijfregels en tekenafspraken volgen de geldende normen, met het nummer in de voet van het blad. Vaknormen volgen hun eigen regelwerken, en in de tekst staat altijd wiens norm het is: de spoorlegger, de wegenbouwer en de dakdekker schrijven dezelfde grootheid anders, en niet uit slordigheid.
Historische waarden worden als bereik gegeven en niet als één getal: de Romeinse voet liep uiteen van 293 tot 334 millimeter, en doen alsof hij één nauwkeurige waarde had, zou de lezer voorliegen omwille van een nette tabel.
Zeven afdelingen, altijd in dezelfde volgorde
Een algemene schuif die «met een factor vermenigvuldigt», legt niets uit. Een grootheid wordt duidelijk zodra men ziet wat zij bestuurt: bij het verhang zijn dat de rolstoel op de helling en het water in de goot; bij de keelhoogte van de las de kwadratische groei van het metaal in doorsnede; bij de okta de acht delen van de hemel boven de waarnemer; bij de nauwkeurigheidsklasse de tolerantiesector die met de wijzer meedraait. Zulke opstellingen laten zich niet naar sjabloon maken, daarom wordt elke apart getekend, met eigen scènes en eigen drempels waarbij het cijfer rood wordt.
Het archief per afdeling
De volgorde bepalen de lezers. Ontbreekt de eenheid waarmee u werkt, schrijf ons dan waarmee u haar precies meet en waar collega’s in de war raken: daaruit komt een beter blad dan uit een norm.
Aan het project schrijven →Zesendertig talen en één laag die nooit verandert
In elk blad zit een laag die in geen enkele taal wordt vertaald: het teken van de eenheid, de merken van de tekenafspraak, de nummers van normen, de cijfers van een reeks. De watt blijft W, de okta blijft okta, de keelhoogte blijft z, en op de plaat van het blad staat altijd het internationale teken, niet het eigen woord. Dat is voor de lezer die het blad in zijn taal opent, maar met vreemde documentatie werkt.
Al het overige wordt vertaald: het proza, de onderschriften van de opstellingen, de beschrijvingen van instrumenten, de historische afdeling. De lijst van talen is gesloten en groeit niet — zesendertig, waaronder drie met schrift van rechts naar links en het Latijn.